• Te zien tot zomer 2020

Bekijk én beluister Sterke verhalen uit de rijke collectie thuis

Door de tijdelijke sluiting is het momenteel niet mogelijk om de tentoonstelling Sterke verhalen te bezoeken. Daarom brengen we deze gewoon naar je toe!

Op deze pagina krijg je een online rondleiding door de tentoonstelling. Wat je gaat zien is een greep uit die collectie, een diverse keus van krachtige beelden. Ze komen uit de ongelooflijk omvangrijke fotocollectie van het Nederlands Fotomuseum, die met 5,6 miljoen objecten behoort tot de grootste van ons land. Er wordt een verscheidenheid aan visuele verhalen uit de collectie getoond. Het is een mix van historische en eigentijdse fotografie; van thema’s en onderwerpen; van professionele en amateurfotografen. En uiteraard alle visueel sterk. De tentoonstelling bestaat uit tien hoofdstukken. Ieder hoofdstuk stelt een actueel maatschappelijk of juist alledaags thema aan de orde, zoals macht, migratie, rijkdom of voetbal. In sommige hoofdstukken plaatsen twee fotoseries het thema in een ander perspectief, waardoor het kijken voorop wordt geplaatst. Ook kun je audiofragmenten beluisteren. Hierin komen verschillende personen aan het woord om vanuit zijn of haar persoonlijke of professionele situatie een verhaal toe te voegen aan de tentoonstelling. Dit zijn soms fotografen, maar ook bijvoorbeeld iemand die zelf gevlucht is en huis en haard heeft moeten achterlaten. Veel kijk én luister plezier!

Sterke verhalen past in de nieuwe koers van het museum waarbij fotografie uit Nederland centraal staat.

1. De oprichting van een nationaal museum
Sterk, maar waar: dat geldt meteen al voor het eerste verhaal in deze tentoonstelling. Dat gaat over de oprichting van een nationaal fotomuseum. Een amateurfotograaf schonk een vermogen van 22 miljoen voor dit doel.

Op 29 oktober 1997 maakte het Prins Bernhard Cultuurfonds bekend dat Hein Wertheimer zijn vermogen van 22 miljoen gulden (tien miljoen euro) naliet voor de oprichting en instandhouding van een fotomuseum. Nooit eerder had een Nederlandse particulier zo’n groot vermogen voor een cultureel doel nagelaten. Hein Wertheimer was in de fotowereld een volstrekt onbekende en het legaat kwam dan ook als een grote verrassing.

Beluister:


Hein Wertheimer
Hein Wertheimer begon als jurist bij het Eindhovense elektronicabedrijf Philips, waar hij later onderdirecteur werd. Wertheimer kende één grote passie: de fotografie. Hij begon er al met fotograferen op zijn twaalfde verjaardag, toen hij van zijn ouders, ook enthousiaste amateurfotografen, een boxcamera cadeau kreeg. De plaatsen waar zijn foto's zijn genomen verraden dat hij moet zijn geweest op reizen. In Wertheimers zwart-witfoto’s laten zich al vroeg de invloeden van de Franse fotografie herkennen. Het is mede vanwege Wertheimers enorme passie voor fotografie dat het Nederlands Fotomuseum bestaat. 


Masai, Ngorogorokrater, Tanzania (1965); Stonehenge, Engeland (1961) © Hein Wertheimer / Nederlands Fotomuseum

2. De camera en wij
Heb je vandaag al een selfie gemaakt? Zo niet, dan is nu misschien het moment!

Helaas kun je niet naar buiten om jezelf staande op de Euromast of vliegend in een straaljager te fotograferen zoals Frits J. Rotgans deed. Rotgans wilde de Rotterdamse haven op een bepaalde manier in beeld vangen, een beeld dat hij in zijn hoofd had. Omdat geen camera dat beeld kon maken, bouwde hij er zelf een. Wij zijn pas selfies gaan maken toen de smartphone op de markt kwam: met een regulier fototoestel kregen we onszelf zó niet op de foto. Foto’s maak je niet van de werkelijkheid, foto’s maak je van wat je in je hoofd hebt.


Frits J. Rotgans met zijn fotocamera op de Euromast, Rotterdam (1960) © Frits J. Rotgans / Nederlands Fotomuseum
Vertrek Nieuw Amsterdam vanaf Wilhelminakade met op de achtergrond werkgebouw "Las Palmas" van de Holland-Amerika Lijn, Rotterdam (1960) © Frits. J Rotgans / Nederlands Fotomuseum

Zelfportret in een straaljager (1970); Zelfgebouwde breedbeeldcamera © Frits J. Rotgans / Nederlands Fotomuseum

Het werk van Hans Eijkelboom maakt nog iets duidelijk: wij maken de camera, en de camera maakt ons.

Fotografie was ooit het eerste medium waarmee kon worden bewezen dat je er ouder uit gaat zien naarmate de tijd voortschrijdt. Voor beeldend kunstenaar Hans Eijkelboom was dat een interessante constatering. ‘Identiteit’ werd het hoofdthema van zijn artistieke werk en fotografie zijn favoriete medium. Op zestigjarige leeftijd, verzamelde Eijkelboom 60 camera-advertenties uit tijdschriften, één uit elk jaar van zijn leven. Hij combineerde deze met 60 (zelf)portretten, wederom één uit elk levensjaar. Dat resulteerde in 2009 in het werk Portraits & Camera’s, waarin we zien hoe Eijkelboom steeds ouder wordt, terwijl de cameratechnologie er steeds geavanceerder en veelbelovender uitziet.


Uit publicatie Portraits and cameras (1949-2009) © Hans Eijkelboom

3. De stad van aankomst
Behoor je tot een Rotterdamse minderheid? Dan zit je bij de meerderheid! Rotterdam is een migrantenstad: de meeste Rotterdammers komen van buiten, ongeveer veertig procent zelfs van buiten Europa. De komst van migranten is eeuwenoud en hoort bij de geschiedenis van deze stad. In het verleden hebben fotografen hen op soms heel verschillende manieren in beeld gebracht. Die fotografen waren vrijwel altijd buitenstaanders. Migranten kregen nauwelijks de kans zelf een beeld te creëren van hun gemeenschap, van hun leven hier of van de stad. 

In het volgende fragment vertelt de Rotterdamse zangeres Shimra hoe haar favoriete foto's uit de tentoonstelling de kracht van Rotterdam laten zien: Het samen leven, buren en culturen naast elkaar. De beelden van Maria Toby geven haar een nostalgisch gevoel en het gevoel van groei en vooruitgang.


Crooswijk, Rotterdam (1977) © Maria Toby / Nederlands Fotomuseum


Rotterdam (1977-1980) © Maria Toby / Nederlands Fotomuseum

4. Nu of nooit
Je huis, je bed, je bank, je televisie, je huisdier – zeg maar alles. Kun je je dat voorstellen? Dat je de deur achter je dichtdoet en alles achter je laat omdat je weg moet, en snel? Dat je je familie, vrienden, buren en de mensen van je sportclub misschien nooit meer gaat zien? Hoe zou dat zijn? Kijk naar het werk van fotografen die daar in het verleden reportages over hebben gemaakt. Zij hebben geprobeerd in beeld te brengen hoe het is om vluchteling te zijn. Maar hoe breng je lastig onderwerp goed in beeld? Twee fotografen uit onze collectie die daarin uitblinken zijn Ata Kandó en Ad van Denderen.

Ata Kandó (1913-2017) werd als Etelka Görög geboren in Boedapest, waar zij fotografie studeerde bij onder anderen de befaamde Hongaarse fotograaf Jószef Pésci. In 1938 vestigde zij haar eigen fotostudio in Parijs. Na de oorlog werkte Kandó in het fotolab van Magnum Photos en ontmoette daar de fotograaf Ed van der Elsken, met wie zij trouwde en naar Amsterdam verhuisde. Kandó werd lid van de fotografenvereniging GKf en ontwikkelde zich tot gewaardeerd fotograaf. Lange tijd was zij actief in het Amazonegebied, waar ze het dagelijks leven van onder meer de Yanomami-indianen vast legde. Ook maakte zij in de loop der tijd enkele kinderfotoboeken die uniek zijn in de Nederlandse fotogeschiedenis. Ata Kandó fotografeerde doorgaans in zwart-wit met een Rolleiflex-camera en een 6x6 rolfilm.


Violette Cornelius fotografeert voor het Rode Kruis Hongaarse vluchtelingen in het grensgebied van Oostenrijk en Hongarije (1956) © Ata kandó / Nederlands Fotomuseum

“Wanneer je je inleeft, maak je zoveel betere foto’s”
- Ata Kandó

Aan inlevingsvermogen ontbrak het Kandó zeker niet. Toen communistisch Rusland in 1956 met tanks Hongarije binnenviel en de roep van het Hongaarse volk om vrijheid de kop indrukte, probeerden vele Hongaren naar het naburige Oostenrijk te vluchten. Ata Kandó besloot haar landgenoten te helpen. Ze reisde vanuit Amsterdam samen met vriendin-fotograaf Violette Cornelius naar de grens tussen Oostenrijk en Hongarije om de vluchtelingen en vooral hun kinderen vast te leggen. Met het titelloze ‘rode fotoboekje’ dat ze uitbrachten na hun reis zamelde 500.000 gulden in voor de kinderen van vluchtelingen.


Hongaarse vluchtelingen in het grensgebied van Oostenrijk en Hongarije (1956) © Ata Kandó / Nederlands Fotomuseum

Ad van Denderen (1943) is een documentaire fotograaf met een lange staat van dienst bij media als Vrij Nederland , NRC Handelsblad , Stern , Geo en The Independent Magazine . Hij maakte vele reportages over zowel de apartheid in Zuid-Afrika als de strijd van de Palestijnen voor een eigen staat. Voor zijn werk ontving hij onder andere de Visa d’Or, de oeuvreprijs van het Fonds BKVB en de Dick Scherpenzeel prijs. Ad van Denderen woont en werkt in Amsterdam. Tijdens zijn opleiding tot fotograaf aan de SGV in Utrecht kreeg hij les van Ata Kandó. In 2008 maakte hij samen met fotograaf Leo Erken een boek over haar werk, Ata Kandó, photographer.

Hij maakte jaren achtereen reportages over onder meer nieuwkomers in ons land en de Nederlandse immigratiedienst. Over de politieke en economische vluchtelingen die via Turkije en Griekenland of Spanje Europa trachtten binnen te komen, publiceerde hij in 1996 een spraakmakend fotoboek. De titel daarvan - GoNoGo. De grenzen van Europa - verwijst naar het moment waarop de vluchteling moet beslissen of hij/zij wel of niet in de boot stapt.


Afrikaanse immigranten wachten op de komst van het Rode Kruis dat ze per bus naar de haven van Tarifa zal brengen, Spanje (2001) © Ad van Denderen / Nederlands Fotomuseum

‘Dit is het moment dat je weet dat je het hebt overleefd. Een moment van puur geluk.’
- Marwan

In het volgende fragment deelt de Syrische Marwan zijn eigen ervaring met vluchten. Hij vertelt wat deze foto van Ad van Denderen, uit de serie GoNoGo, voor gevoelens opwekt.


Afrikaanse immigranten worden door Marokkaanse smokkelaars aan land gezet op het strand van Punta Paloma, Spanje (2001) © Ad van Denderen / Nederlands Fotomuseum

5. Naakt versus Bloot
In de westerse schilderkunst heeft het vrouwelijke naakt, geschilderd door een man, zich op allerlei manieren gemanifesteerd. Als schilder was Wally Elenbaas goed met die traditie bekend. Als fotograaf en pionier van de Nieuwe Fotografie wist hij nog beter wat de fotografie met het klassieke beeld van het vrouwelijke naakt had gedaan: de camera had sterk op dat naakt ingezoomd, het gefragmenteerd en geabstraheerd, tot object en vormstudie gemaakt. Fotografie student Yael Laroes vertelt wat zij zo bijzonder vindt aan de foto van Elenbaas en vergelijkt deze met haar eigen werk. 


Esther Hartog (circa 1955) © Wally Elenbaas / Nederlands Fotomuseum

© Yael Laroes (dit werk is niet te zien in de originele tentoonstelling)

6. De bal is rond
Als nieuwsfotograaf was de Rotterdamse fotograaf Kees Molkenboer bij talloze voetbalwedstrijden in de stad aanwezig, zowel in het Spartastadion als in de Kuip maar ook in Amsterdam en het buitenland. Kenners vinden sterren als Abe Lenstra, Frans de Munck en Faas Wilkes op zijn foto’s terug. Molkenboer legde de memorabele Sparta wedstrijd uit 1957, die werd afgetrapt door de Amerikaanse filmster Janye Mansfield, vast.


Sparta-DOS 1-7, Het Kasteel, Rotterdam (13 oktober 1957) Filmster Jayne Mansfield verricht de aftrap © Kees Molkenboer / Nederlands Fotomuseum

Wat deed Mansfield op de stip? En hoe liep deze wedstrijd af? Jules Deelder (1944 - 2019), Spartaan in hart en nieren, was als 13-jarig jongetje getuigen van de wedstrijd. Hij heeft deze gebeurtenis haarfijn beschreven in de VI van 1982.

"Met eigen ogen kon ik constateren dat er van de roemruchte borstomvang van Miss Mansfield geen centimeter gelogen was, want haar gemoed stak royaal over de punten van haar schoeisel heen, terwijl de mode dat jaar juist héle puntige schoenen dicteerde! Nadat de star, enigszins belemmerd door haar ultra-nauwe kokerrok, op kokette wijze de bal aan het rollen had gebracht en het veld had verlaten, zag zij Sparta na een kwartier weliswaar door Bosselaar met een klimmend schot de leiding nemen, maar vervolgens een ontketend Dos, met een waarlijk briljánte Tony van der Linden, die Terlouw alle hoeken van het veld liet zien, maar liefst met 7-1 zegevieren."
- Jules Deelder in Voetbal International, nr. 51/52, jrg. 1982


Jules Deelder, 1990 © Peter Martens / Nederlands Fotomuseum

Ook Sparta historicus Johan van Gent zat als 15-jarige jongen op de tribune en kan als geen ander dit moment navertellen. Beluister zijn verhaal in het volgende fragment:


7. Mensenfoto's van dieren

Wat als dieren konden fotograferen? Zouden we ze anders gaan zien dan eng, gevaarlijk, interessant of lief? Helaas, vooralsnog moeten we het doen met mensenfoto’s van dieren.

Achtertuin
Apen fotograferen in zijn achtertuin, dat is wat amateurfotograaf en arts Gregor Krause graag deed.

Gregor Krause woonde zo’n 100 jaar geleden op Borneo. Op zondagen trok hij het oerwoud in met een grote platencamera, waarmee hij prachtige oerwoud- en apenbeelden vastlegde. Maar niet alleen in het oerwoud schoot hij plaatjes van apen. Ook in zijn achtertuin waren allerhande aapjes te vinden. De arme stakkers waren ontheemd door de houtkap. Ter vergroting van het bewustzijn van dierenleed had Krause zich geen betere beelden kunnen wensen: ze werken nog steeds!


Indonesië (1919-1925) © Gregor Krause / Nederlands Fotomuseum

Oerang oetan in de achtertuin van de fotograaf, Balikpapan, Borneo, Indonesië; Vierjarig verweesd orang-oetang meisje, met natgeregende haren, Borneo, (1919-1928) © Gregor Krause / Nederlands Fotomuseum

Dierentuin
De vroege fototechnieken lieten het niet toe om beweging vast te leggen. Daarom moesten de eerste natuurfotografen die dieren wilden fotograferen dat met opgezette exemplaren doen. Een van de pioniers op dit gebied was Johannes Rombouts. Hij maakte de vroegste dierenfoto’s uit onze collectie in… dierentuin Artis! Waren het geen dode exemplaren, dan in elk geval gevangen beesten. Zijn foto’s werden uitgewisseld met andere dierentuinen en verkocht aan het publiek. Rombouts specialiseerde zich in de allerkleinste dierenwereld: die onder de microscoop. Al in 1873 promoveerde hij op de microfotografie. Vier micro-opnamen uit deze tijd behoren tot de allervroegste negatieven in de collectie van het Nederlands Fotomuseum!

Documentaire fotograaf Anjes Gesink fotografeert ook dieren. In het volgende fragment vertelt ze hoe zij dat aanpakt.

 

 


Portret P.L. Steenhuizen in zijn atelier, Artis, Amsterdam (ca. 1888-1902); Leeuw in kooi, Artis, Amsterdam (ca.1888); Microfoto (ca. 1873) © J.E. Rombouts / Nederlands Fotomuseum

8. Hollandse taferelen 
Over de schoonheid van Nederland schreef de dichter Hendrik Marsman ooit dat er “brede rivieren traag door oneindig laagland gaan”. Vele Nederlanders koesteren dat beeld van hun land met water, dijken en molens. Waar de polders tot aan de horizon strekken met indrukwekkende wolkenluchten daarboven. Misschien denken ze daarbij aan de fraaie zwartwitfoto’s van Cas Oorthuys, die in de jaren veertig en vijftig in alle treinen hingen en in tientallen fotoboeken stonden afgebeeld. Die foto’s zijn er nog, hier in het Fotomuseum. Maar het land dat erop staat, is er niet meer. Kijk maar naar de foto’s die Hans Aarsman veel later van het ‘Hollandse’ landschap maakte. Aarsman zette zowel dat oude beeld van Nederland als de fotografie zelf op z’n kop. En hij schreef er een boek over.

Een jaar lang reed Hans Aarsman met een oud Citroënbusje door Nederland. Dagblad Trouw had hem gevraagd een reportage te maken over het Nederlandse landschap. Wij vroegen fotograaf (Des Vaderlands), Jan Dirk van der burg, wat hij van deze reportage vindt.



Kinderdijk (1988-1989) © Hans Aarsman

9. In de straat en de hemel daarboven
Frits Lamberts begon in 1943 met fotograferen, nadat hij een Leica-camera kreeg van een overleden vriend. Hij documenteerde vooral veel aan oorlog gerelateerde onderwerpen, zoals Dolle Dinsdag, de bevrijding van 1945 en de terugtrekking van de Duitsers.

Lamberts maakte tijdens de Tweede Wereldoorlog foto’s van vliegtuigen en bommenwerpers in de lucht. Deze worden nu als zeldzaam beschouwd. Omdat hij daarbij noteerde tot welk squadron de vliegtuigen behoorden, en ook vaak bij welk bombardement ze waren betrokken. Zo ontpopte hij zich als notulist van het oorlogsgeweld op afstand. Zijn foto’s zijn tevens ook de gruwelijke getuigenis van meedogenloos oorlogsgeweld.


Condenssporen na bombardement op spoorlijn Almelo-Vriezenveen (1943-1945) © Frits Lamberts / Nederlands Fotomuseum


Condensstrepen in de lucht van de A.A.F (Australian Air Force) (1945); Wolkenlucht met vliegtuig (1943-1945) © Frits Lamberts / Nederlands Fotomuseum

10. Macht en onmacht
We vergeten het wel eens maar de wereld kent nog steeds grote sociaal en economische verschillen: mensen die leven in armoede, die in het ‘verkeerde’ land zijn geboren of die op een andere manier vastzitten in een ellendig leven. Soms staan er fotografen op die iets aan die situatie willen doen. De één kiest voor een benadering die het publiek emotioneel aanspreekt, de ander wil de beschouwer laten nadenken over het systeem dat de tweedeling tussen macht en onmacht in stand houdt.

In het volgende fragment vertelt huisarts en straatdokter Marcel Slockers over zijn ervaring met daklozen.


Rotterdam (circa 1970) © Peter Martens / Nederlands Fotomuseum

The Table of Power
Is het een gewone of een designtafel? Hoeveel personen kunnen er zitten? Waar zit de directeur oftewel de CEO of heeft hij of zij geen vaste plek? Welke kunst hangt er aan de muur? Jacqueline Hassink was nieuwsgierig naar de inrichting en symbolische uitstraling van plekken waar beslissingen worden genomen die gevolgen kunnen hebben voor de hele wereldeconomie. In 1993 nam zij zich voor de vergadertafels in de boardrooms van de grootste bedrijven ter wereld te fotograferen. Zij maakte daarbij een selectie van multinationals uit de Fortune Global 500 List, in de hoop overal met haar camera binnen te komen. Dat lukte helaas niet: in haar fotoboek The Table of Power is een aantal bladzijden zwart gebleven: geen toestemming. Bij elk bezoek noteerde Hassink hoe zij werd ontvangen, wat zij wel en niet mocht fotograferen en wat haar verder was opgevallen. Het boekje kreeg symbolisch het formaat van een paspoort en biedt een unieke inkijk in de ruimtes van de economische macht, die gewoonlijk voor slechts zeer weinigen toegankelijk zijn


De vergadertafel van de Raad van Bestuur van BNP Paribas, uit de serie The Table of Power, 2009-2011 © Jacqueline Hassink

De vergadertafel van de Raad van Bestuur van ThyssenKrupp, uit de serie The Table of Power, 2009-2011 © Jacqueline Hassink

Sterke verhalen uit de rijke collectie van het Nederlands Fotomuseum wordt verlengd! De tentoonstelling zal gedurende de zomer te zien zijn in het museum.

Gebouw Las Palmas Wilhelminakade 332, 3072 AR Rotterdam +31 (0)10 203 04 05 info@nederlandsfotomuseum.nl

© 2016 - 2019 Nederlands Fotomuseum. WooCommerce door Redkiwi