|
|
|
Terug naar dossier
Van veel autochromes weten we tegenwoordig niet wie de maker is. Dat zal vooral komen doordat fotografen nu eenmaal op een glazen plaat minder snel hun signatuur plaatsten dan op een papieren afdruk. Dit lot delen autochromes met vele foto’s die gemaakt zijn met andere niet-papieren technieken, zoals daguerreotypieën en ambrotypieën. De kwaliteit van sommige anonieme autochromes maakt wel nieuwsgierig naar hun vervaardiger. Vaak waren het amateurs, maar er zijn ook diverse bekende fotografen onder de ‘autochromisten’.
te eenvoudig
Tot de ‘grote namen’ uit de geschiedenis van de fotografie die autochromes hebben gemaakt behoren onder andere Alfred Stieglitz, Edward Steichen, Alvin Langdon Coburn, Heinrich Kühn en George H. Seeley. Opvallend is dat zij weliswaar direct in 1907 gegrepen werden door autochromes, maar het procédé ook weer betrekkelijk snel, soms al na anderhalf jaar, verlieten. De reden van hun teleurstelling was vermoedelijk dat zij het procédé te eenvoudig vonden. Er was te weinig gelegenheid voor handmatig beïnvloeden van het beeld. Dat neemt niet weg dat sommigen van hen prachtig werk hebben gemaakt.
George H. Seeley | Collectie Rijksmuseum Amsterdam | Stilleven met perziken, circa 1907-1912.
joie de vivre
Als we slechts één naam zouden mogen noemen van een persoon bij wie het plezier in het fotograferen overduidelijk is, kiezen we natuurlijk Jacques Henri Lartigue (1894-1986). Deze telg van een welgestelde familie begon al heel vroeg, op zijn zesde, te fotograferen. Auto’s, vliegtuigen, vliegers, zeepkistauto’s en raceauto’s zijn belangrijke onderwerpen. Geen wonder dat hij ook autochromes maakte: de joie de vivre komt daarop volmaakt uit. In 1980 verscheen het boek Les autochromes de J.H. Lartigue, 1912-1927. Een Engelse vertaling verscheen een jaar later.
curieus
Ook in Nederland werd de autochrome met veel enthousiasme binnengehaald en hebben verschillende bekende en onbekende fotografen ermee gewerkt. De bekendste zal Bernard F. Eilers (1878-1951) zijn, die tenminste twintig jaar volgens deze methode kleurenfoto’s gemaakt heeft. Er zijn tegenwoordig 33 autochromes van zijn hand bekend, waarop we stillevens, portretten, landschappen, stadsgezichten, genrescènes, reclame en kunstreproductie zien. Curieus is hoe weinig kleurrijk sommige van zijn opnamen zijn.
rode kersen
De Amsterdamse agent in textiel en manufacturen Jan Zeegers (1872-1937), die de fotografie als liefhebberij beoefende, gooit hoge ogen als het er op aan komt wie in Nederland de mooiste autochromes maakte. Hij heeft ze vanaf 1908, misschien al eerder, gemaakt en is dat blijven doen tot kort voor zijn overlijden. De opname die hij in 1912 van zijn dochter Marie maakte is vaker gereproduceerd – en dat is begrijpelijk. Het tere blauw van haar kleding en de kruik, de roze strik en de rode kersen doen het prachtig tegen de grijze achtergrond. Misschien hadden Idzerda cum suis dan toch gelijk dat het beter is het aantal kleuren te beperken en geen grote contrasten toe te laten.
heel dichtbij
Van Leendert Blok (1895-1986) zouden we misschien nooit gehoord hebben als hij geen autochromes had gemaakt. Hij was twaalf toen het procédé geïntroduceerd werd en is er dan ook pas later mee gaan werken, waarschijnlijk vanaf circa 1925 tot circa 1935. Hij was in Lisse gevestigd als beroepsfotograaf en fotografeerde veel bloemen in opdracht van kwekers. Sommige van zijn autochromes laten bloemen van heel dichtbij zien: dat zijn de indrukwekkendste opnamen, die nog altijd modern aandoen. Veel gebruikelijker was het om bloemen niet van zo dichtbij en vrij in de ruimte te fotograferen, maar met een vaas en/of andere voorwerpen. Deze autochromes van Blok zijn ongetwijfeld in opdracht gemaakt, maar weten nog altijd te ontroeren.
wisselend
Jacob Olie Jr (1879-1955) beoefende de fotografie als amateur, net als zijn veel bekendere vader Jacob Olie Jbz. Hij zal de faam van zijn vader niet gauw overtreffen, maar hij heeft het geluk dat de laatste in 1905 overleed, twee jaar voordat de gebroeders Lumière hun autochrometechniek op de markt brachten. Daarmee kon hij zich in ieder geval van zijn vader onderscheiden. Olie Jr is degene met het grootste aantal bewaard gebleven autochromes op zijn naam: ruim 250. Daar zitten verschillende mooie opnamen tussen, maar het dient gezegd te worden dat de kwaliteit wat wisselend is en zijn werk soms minder kleurrijk is dan je zou willen.
Jacob Olie Jr. | Collectie Rijksmuseum Amsterdam | Tini, de vrouw van de fotograaf, Italië (z.j.)
Zwitserlevengevoel
Fotografie was voor de Tweede Wereldoorlog een dure hobby; door de hoge kosten van autochromeplaten was het werken daarmee al helemaal niet voor iedereen weggelegd. Dat is goed te zien op veel opnamen: de interieurs van bijvoorbeeld Jan Zeegers en Jacob Olie Jr laten er geen twijfel over bestaan dat zij bemiddeld waren. Vakanties en uitstapjes vormen een belangrijk ‘decor’ van menige autochrome. De verrassende kleurigheid – we zijn volmaakt gewend ons het verleden in zwart-wit voor te stellen – verhoogt het ‘Zwitserlevengevoel’ van autochromes alleen maar.
Anoniem | Collectie Rijksmuseum Amsterdam | Korenveld met vrouw met parasol (z.j.)
Terug naar dossier |
|
|
Zie ook...
Autochrome gallery van het virtuele American Museum of Photography, met beknopte technische informatie. Foto’s van onder andere Arnold Genthe en George Seeley. Het werk van vier Franse legerfotografen tijdens de Eerste Wereldoorlog: Aubert, Paul Castelnau, Fernand Cuville en Albert Samama-Chikli. Franstalig.
De Frank Lauder Autochrome Collection van de Kansas City Public Library. De fotograaf heeft in de jaren ’30 in de omgeving van Kansas City op grote schaal landhuizen en tuinen gefotografeerd. Drie collecties autochromes die gemaakt zijn tijdens de Eerste Wereldoorlog. Autochromes van de fotograaf Jean-Baptiste Tournassoud. In dit artikel vooral technische informatie, elders op de website meer over de fotograaf zelf. De Amerikaan Fred Payne Clatworthy (1875-1953) heeft meer dan 10.000 autochromes gemaakt, die ten dele gepubliceerd werden in National Geographic. |