Gebruikersnaam
Wachtwoord
Registreer | Wachtwoord vergeten? | Meer info | Sluiten
English

5.2 Acetaatverval


       NEDERLANDS FOTOMUSEUM
       BEDANKT:
sponsorenfilmpje.gif

Terug naar dossier

Het acetaatverval (ook wel azijnzuursyndroom of – in het Engels - vinegar syndrome genoemd) vormt een grote bedreiging voor een aanzienlijk gedeelte van het mondiaal fotografisch erfgoed. Alle negatieven met een drager van di- of triacetaat, zoals die sinds de jaren veertig van de twintigste eeuw tot op de dag van vandaag uitgebreid in gebruik zijn, vallen in deze categorie. Zwart-wit vlakfilm lijkt het meest gevoelig.

tunnelen
Negatieven en dia’s die aan het acetaatsyndroom lijden, beginnen in eerste instantie te golven. In een volgend stadium kunnen zich oneffenheden in de emulsielaag voordoen. Bij vlakfilm vertoont het eindstadium van het proces zich door middel van het specifieke ‘tunnelen’: aan de zijde van de drager raakt, door het krimpen van de filmdager de anti-halolaag of de anti-krullaag, plaatselijk los en ontstaan er een soort langwerpige luchtbellen.
Hierdoor vervormt het beeld en wordt het negatief onbruikbaar.

Negatief aangetast
Fotograaf onbekend | Scan van van negatief aangetast door acetaatverval | Instituut voor Militaire Geschiedenis KL



Aantasting emulsiezijde
Scan van emulsiezijde van bovenstaand negatief


azijnzure lucht
Het proces gaat gepaard met een zeer sterke azijnzure lucht. De ironie is dat acetaatfilm feitelijk bestáát uit azijnzuur. Door de chemische instabiliteit - onder invloed van te hoge temperatuur en luchtvochtigheid - vallen de chemische ketens uiteen, en komt het azijnzuur als gas vrij. Dit proces van hydrolyse kan worden uitgesteld door het materiaal koud te bewaren, maar net als bij nitraat- is ook bij acetaatfilm de enige volwaardige remedie: dupliceren, of, indien dat niet meer mogelijk is: emulsietransfer, waarbij de emulsielaag op een nieuwe drager wordt overgezet.

Terug naar dossier

 
< Vorige   Volgende >
Zie ook...